Neem bij medische informatie geen risico. Raadpleeg bij gezondheidsklachten een arts
voor de geintereseerden, bloeddruk:..de berekening
Custom Search
|
De bloeddruk is de vloeistofdruk in het slagadersysteem.
De bloeddruk wordt weergegeven door middel van twee kengetallen, de systolische
druk of bovendruk en de diastolische druk of onderdruk, gescheiden door een
schuine streep, b.v. 130/85 mm Hg. De getallen geven de druk aan in millimeters
kwikdruk, d.w.z. de druk uitgeoefend door een kolom kwik van 130 mm hoogte in
het voorgaande voorbeeld. Een meer wetenschappelijke eenheid om bloeddruk in uit
te drukken zou de kilopascal zijn, maar die wordt om historische redenen tot nu
toe nauwelijks gebruikt.
Hoge bloeddruk of hypertensie is een vooral in westerse landen algemeen
voorkomende aandoening.
Begripsbepaling
De systolische druk of bovendruk is de maximale druk die wordt opgebouwd in de
aorta bij het samentrekken van de linker hartkamer [ventrikel].
De diastolische druk of onderdruk is het minimum van de druk dat optreedt
tussen twee samentrekkingen van het hart in, als het hart zich weer met bloed
vult.
Samen geven de twee waarden een beeld van de gemiddelde arteriele druk, die kan
worden geschat door de formule:
Pgemiddeld = (Psystolisch + 2 Pdiastolisch)
De regeling van de bloeddruk in het lichaam is een ingewikkeld proces met een
aantal terugkoppelingssystemen zoals het RAAS en met verschillende tijdschalen,
van de slag-tot-slag regulatie in het hart tot de spanning in de arteriele
vaatwand tot de regulatie van de hoeveelheid water en zout in het vaatstelsel
door hormonen o.a. via de nieren.
Zowel een te lage als een te hoge bloeddruk kan tot gezondheidsproblemen leiden.
Het eerste geval is zeldzaam, het tweede komt veel voor. Overigens is dit een
sterk cultureel bepaald gegeven: in Duitsland worden zeer veel geneesmiddelen
voorgeschreven voor lage bloeddruk (Kreislaufschwäche), terwijl dit probleem in
Engelstalige landen amper lijkt voor te komen.
Bloeddrukwaarden
Rond de 120/80: optimale bloeddruk (voor volwassenen)
Minder dan 140/90: normale bloeddruk
Meer dan 160/95: hypertensie/ hoge bloeddruk
De grenswaarden stijgen met toename van de leeftijd, voornamelijk de bovendruk.
Vroeger hanteerde men de regel, voor bloedrukwaarden: 100 plus je leeftijd,
men is daar al sinds jaren van af gestapt!
Ook op oudere leeftijd, boven de 65, ziet men liever 120/80 dan 140/90.
Hoe te meten,
Dit gebeurt met een bloeddrukmeter, die bestaat uit een band met van binnen een
opblaasbare ballon die verbonden is met een manometer (vroeger een die gebruik
maakte van een kolom kwik, dit mag uit milieutechnische overwegingen niet meer).
De ballon wordt om de bovenarm gevouwen en opgeblazen met een pompje of
knijpballonnetje met ventiel tot de druk zo hoog is dat er geen bloed meer door
de bovenarmslagader loopt (polsslag niet meer voelbaar). Nu laat men de druk in
de ballon langzaam zakken door een ventieltje iets te openen. Op een gegeven
moment is de systolische bloeddruk hoger dan de druk in de ballon, zodat de
slagader in de arm bij iedere hartslag even iets bloed doorlaat.
Dit is te constateren doordat via een boven de slagader geplaatste stethoscoop geluiden
worden gehoord iedere keer dat de slagader weer dichtklapt, de Korotkoff-tonen,
genoemd naar de ontdekker ervan. De op dit punt afgelezen waarde van de
manometer wordt genoteerd en is de bovendruk. Laat men de druk verder zakken,
dan verdwijnen de tonen weer op het moment dat de slagader gedurende de hele
cyclus openblijft. Nu leest men de onderdruk af. Deze meetmethode is ontdekt
door de Italiaanse onderzoeker Riva-Rocci en de bloeddruk wordt daarom nog
steeds afgekort met de letters 'RR'.
Tegenwoordig wordt er gemeten met een electronische bloeddruk meter, dit is nauwkeuriger dan de ouderwetse methode, en worden de eventuele gehoor problemen van de arts of verpleegkundige uitgeschakeld.
BloeddrukvariatiesDe bloeddruk is een in hoge mate dynamische grootheid en verandert in de loop van enige minuten tot zelfs seconden. Stress kan de bloeddruk door het vrijmaken van het hormoon adrenaline binnen een halve minuut met tientallen mm Hg verhogen, evenals inspanning. Bij zware inspanning zijn hogere bloeddrukken normaal die bij gezonde mensen in rust als sterk verhoogd zouden worden beschouwd. Soms is de meting voor de patient - meestal onbewust! - al zo stressvol dat bij iedere meting een druk wordt gevonden die 20 of 30 mm boven de werkelijke rustwaarde van die patient ligt (wittejasseneffect).
De enige oplossing hiervoor is de ambulante 24-uurs-meting, waarbij de patient gedurende een etmaal een automatische bloeddrukmeter draagt die zich bijvoorbeeld ieder kwartier zonder tussenkomst van een waarnemer automatisch opblaast en de bloeddruk meet, die vervolgens in een computergeheugen wordt bewaard en de volgende dag uitgelezen. Er kan dan ook naar de nachtelijke bloeddrukdaling worden gekeken. Bij een gezonde bloeddrukregulatie, daalt de bloeddruk 's nachts met 10 tot 20 % van de gemiddelde dagwaarde.
Als de gemiddelde nachtwaarde maar 0 tot 10 % lager ligt, spreekt men van een 'non-dipping' (dus 'niet dalend') bloeddrukprofiel. Mensen met een non-dipping profiel hebben een aanzienlijk grotere kans op hart en vaatziekten. Om deze reden zal men over het algemeen niet op grond van een enkele te hoge waarde met behandeling van hoge bloeddruk willen beginnen maar pas als die waarde bv. 3 maal met een tussenpoos van enige dagen of weken is gemeten.
Hoge bloeddruk ofwel hypertensie, lage bloeddruk of hypotensie
Bloeddrukregulatie
De bloeddruk wordt onder andere gereguleerd door het RAAS (Tegenwoordig RAS genoemd): het Renine, Angiotensine, Aldosteron Systeem.
Dit is een enzymsysteem dat instaat voor een stabiele bloeddruk door diverse terugkoppelingen en door aanpassingen van invloeden van buitenaf.
Een te lage bloeddruk wordt geregistreerd op verschillende plaatsen in het lichaam, zoals in het hart, aanliggende vaten, nieren en de lever.
Deze sensoren sturen een signaal naar de nieren, waar zich cellen bevinden die renine produceren.
Renine is een enzym dat in het bloed de plasmaproteine angiotensinogeen omzet in angiotensine I.
Dit angiotensine I wordt op haar beurt door het ACE (Angiotensin Converting Enzyme) omgezet tot angiotensine II.
Dit gebeurt voornamelijk in de longcappilairen. Angiotensine II heeft verschillende werkingen die alle leiden tot verhoging van de bloeddruk.
Zo zorgt het voor vernauwing van de bloedvaten, en zet het de bijnier aan tot het maken van aldosteron.
Aldosteron zorgt voor meer terugresorptie van water en natrium door activatie van natriumkanalen aan de apicale celmembraan in de distale tubuli.
Deze antidiuretische werking doet het bloedvolume vergroten en de bloeddruk stijgen.
Zowel angiotensine II als aldosteron hebben een terugkoppelende werking en inhiberen waarschijnlijk hun eigen aanmaak.
Bovendien remmen ze de reninesecretie.
weergave hiervan zie: het volledig artikel
editor: H.m.Hanse copyright overeenkomstig de GNU licence